Zoektocht: De Witjes van Jacob de Wit

Maart 2019
Door Henk Atze Dijkstra

In interieurs van vele buitenplaatsen, kastelen en paleizen in Nederland en daarbuiten gaan veel schilderijen schuil van de ooit zo beroemde Amsterdamse schilder Jacob de Wit (1695-1754). Hij beschikte over een dermate bijzonder teken- en schildertalent dat hij uitgroeide tot de bestbetaalde schilder van Nederland in de achttiende eeuw. Dankzij zijn faam verbasterde zijn naam tot een begrip en zelfstandig naamwoord: de ‘Witjes’, als benaming voor zijn schilderingen in grijs, de grisailles die zo bedrieglijk echt op beeldhouwwerk lijken. Veel van Jacobs Witjes zijn van hun oorspronkelijke plek verdwenen.

1. Ontdekt Witje: Allegorie op de Scheepvaart door Jacob de Wit 1739 olieverf op doek, particuliere collectie. Foto Martijn Gijsbertsen

Dankzij de zoektocht naar de ware Jacob van de stichting Jacob de Wit 2020 hebben we tijdens lezingen, en verschillende activiteiten al veel tips van het publiek mogen ontvangen en zijn er een aantal onbekende Witjes herontdekt! (Afb.1). We hopen in de komende tijd nog meer werken van Jacob de Wit te ontdekken die zich op buitenplaatsen en kastelen bevinden. Zo kunnen we eind 2020 en 2021 een overzicht tonen ter ere van het 325ste geboortejaar van Jacob de Wit.

Wat maakte Jacob de Wit tot de bestbetaalde schilder van de 18de eeuw? Hij bracht met zijn geraffineerde schilderstijl en zijn beheersing van licht- en schaduweffecten in zijn schilderingen een grote stijlverandering teweeg in de interieurs van stadspaleizen en buitenplaatsen. Jacob maakte zijn schilderijen in een vertrek thematisch tot één geheel met symbolische allegorische voorstellingen, waarbij abstracte begrippen zoals de deugd en de lente met behulp van personen werden uitgebeeld. Jacob gebruikte hiervoor goden en putti (naakte kinderfiguurtjes die de compositie verlevendigden). In zijn grote plafondschilderingen zweefden de goden en putti in rollende wolkenluchten in een hemel van lichte en heldere kleuren. Hiermee creëerde hij een extra venster naar de hemel. Zijn schilderijen hadden een imponerende werking op de toeschouwer en gaven een statusverhogend effect. Hij werd een veel gevraagd schilder voor het Stadhouderlijk hof, diplomaten, regenten, burgemeesters en kooplieden in de Republiek.

2. Allegorie op Visvangst door navolger van De Wit: E. Van Drielst 1775. Olieverf op doek, collectie Fraeylemaborg. Foto Martijn Gijsbertsen

Zijn schilderstijl sloot aan bij de heersende Franse mode die dan rococo wordt genoemd. Niet verwonderlijk omdat hij bijvoorbeeld ook samenwerkte met de Stadhouderlijke hofarchitect Daniël Marot (1661-1752). Marot bracht aan het einde van de 17de-eeuw al de Lodewijk XIV-stijl, de stijl van het Franse hof, naar het Stadhouderlijke hof. Met vele (katholieke) kunstenaars werkte hij samen aan het verfraaien van de vele stadspaleizen en buitenplaatsen, zoals schilder en architect Isaac de Moucheron (1661-1744), beeldhouwer Ignatius van Logteren (1685-1732), houtsnijder, sierstucwerker en beeldhouwer Jan van Logteren (1709-1745) en de Vlaamse beeldhouwer Jan-Babtist Xaverij (1697-1741).

 

Witje De Zomer door Jacob de Wit, ongedateerd olieverf op doek, collectie kasteel Oud-Poelgeest. Foto Martijn Gijsbertsen

Door de populariteit van zijn Witjes is Jacob veel geïmiteerd en gekopieerd. Zo vinden we op de Fraeylemaborg in Slochteren twee Witjes uit 1775 (afb.2), gemaakt door een navolger, schilder Egbert van Drielst (1745-1818). Tot ver na Jacobs dood, tot aan de jaren 40 van de 20ste eeuw, bleven zijn Witjes gewilde schilderijen. Hierdoor zijn ze vaak uitgenomen en verkocht of, bij de wisseling van eigenaren, herplaatst naar andere buitenplaatsen en stadshuizen. Een aantal plafondschilderingen zijn hierdoor terecht gekomen in negentiende-eeuwse landhuizen zoals in Engeland op Waddesdon Manor en in de Verenigde Staten in het John and Mable Ringling Museum of Art te Sarasota. Ook wisselden Witjes van buitenplaats zoals gebeurde op kasteel Oud Poelgeest te Oegstgeest. Hier verfraaide de familie Willink een kamer in 1866 met drie Witjes (afb.3) die waarschijnlijk afkomstig waren van hun andere buitenplaats, Huis te Bennebroek, waarvan het interieur geheel door hen vernieuwd was. Op Oud Poelgeest zijn ook witjes van een navolger van Jacob te vinden (afb.4), schilder Dirk van der Aa (1731-1809).

4 Navolger van De Wit, Allegorie op Bacchus, D. van der Aa, ongedateerd olieverf op doek, collectie Kasteel Oud-Poelgeest. Foto Martijn Gijsbertsen

Jacob de Wit overleed in november 1754 waarna zijn gehele kunstbezit op 10 maart 1755 werd geveild. Op de veiling werden 132 schilderijen, 899 geordende ontwerptekeningen in 25 verzamelbanden en nog eens 14 verzamelbanden met (ongetelde) studietekeningen van Jacobs hand verkocht. Zijn tekeningen waren en zijn van zo’n bijzondere kwaliteit dat ze bij leven al zeer gewild waren bij kunstliefhebbers. Echter Jacob verkocht niet vaak zijn tekeningen, maar bewaarde ze gebundeld in verzamelbanden of boeken. Zijn zorgvuldig opgebouwde collectie viel na de veiling uiteen en kwam in handen van verschillende kunstliefhebbers en kunstenaars. Zo zijn Jacobs ontwerp -en studietekeningen in de afgelopen 264 jaar wereldwijd verspreid geraakt en nu te vinden in diverse collecties en musea, zoals het Metropolitan Museum of Art in New York (USA), de National Gallery of Art in Washington (USA), Mussé du Louvre in Parijs (F), Städel Museum in Frankfurt am Main (D), het Victoria & Albert Museum in Londen (VK), Hermitage Museum in Sint- Petersburg (R), het Rijksmuseum in Amsterdam en nog veel andere musea in Nederland.

Bijzonder is dat op de achterkant van zijn vele ontwerpschetsen (op A4-formaat) informatie door hemzelf is opgeschreven over zijn opdrachtgevers, de locatie en zelfs de bepaling van de precieze plek van het schilderij in het interieur. Dit vanwege zijn afstemming van de compositie op de aanwezige natuurlijke lichtval in het vertrek en het creëren en versterken van schaduwwerking in het schilderij.

5 Verknipte ontwerptekening voor plafond van de heer Hack door Jacob de Wit 1735, pen in zwart tekening collectie Städel Museum Frankfurt. Foto Martijn Gijsbertsen

Helaas zijn van veel tekeningen in diverse collecties de achterkanten niet leesbaar omdat ze op papier zijn geplakt of de ontwerpen specifiek zijn uitgeknipt en vervolgens opgeplakt waarbij de tekst op de achterzijde deels is verknipt en/of verdwenen (afb. 5).

Gezien het grote aantal ontwerptekeningen (900 exemplaren) kan gesteld worden dat Jacob de Wit een zeer productieve schilder was en dat zijn oeuvre van 900 schilderijen bijzonder groot was. Dit betekent dat er nog naar veel schilderijen en Witjes gezocht kan worden. Hopelijk kunnen de aantekeningen van Jacob de Wit op zijn ontwerpen ons goed op het spoor zetten naar zijn vele werken. Hoe meer we kunnen achterhalen, des te beter we zicht krijgen op zijn uitgebreide oeuvre, zijn opdrachtgevers en zijn leven als beroemd schilder.

Helpt u ons met de zoektocht naar de ware Jacob? Heeft u een Witje gespot? Heeft u toegang tot een schets of andere interessante informatie? Mail ons, mét foto’s (!), op info@jacobdewit2020.nl. Stichting Jacob de Wit 2020 is een non-profit initiatief van Henk Atze Dijkstra, Vincent Boele en Thijs Boers. Wilt u op de hoogte blijven van de zoektocht en de activiteiten rondom de gevonden Witjes? Zie voor meer info: www.jacobdewit2020.nl .