Vriend aan het woord: Mara Bosboom, directeur Museum Havezate Mensinge

Met veel inzet enthousiasme werkt Mara Bosboom sinds 2018 als directeur van Museum Havezate Mensinge, een eeuwenoude havezate in de kop van Drenthe. De uitvoering van het ambitieuze plan om de havezate meer op de kaart te zetten is er de laatste maanden niet eenvoudiger op geworden. Dat weerhoudt Mara niet om gewoon door te gaan, samen met de grote groep vrijwilligers die het museum open houdt.

Mara Bosboom, directeur Museum Havezate Mensinge

Havezate Mensinge
Aan het eind van een lange eikenlaan verrijst havezate Mensinge in het Drentse Roden statig uit het water van de omringende gracht. De ooievaars in het nest op één van de schoorstenen heten bezoekers klepperend welkom. Een havezate is van oudsher een adellijk landgoed, dat was vrijgesteld van bepaalde belastingen en dat politieke macht gaf via het recht op deelname aan de gewestelijke Statenvergadering. Havezate Mensinge heeft vele eigenaren gehad. De Groningse familie Van Ewsum en de Drentse familie Kymmel waren de belangrijkste. De huidige vorm van het gebouw dateert van 1728. De havezate bleef eeuwenlang bewoond, tot de familie Kymmel de havezate in 1985 verkocht aan de toenmalige gemeente Roden (nu gemeente Noordenveld). Sinds die tijd is het gebouw een museum. ‘Het bijzondere aan dit museum is dat we zowel een gebouw hebben met een originele inboedel als ook de bijbehorende familiearchieven die teruggaan tot de zestiende eeuw. In 1893 vond rijksarchivaris Feith bij toeval in het stadhuis van Groningen een 300 jaar oude kledingkist vol oude documenten met informatie over Mensinge en de familie van Ewsum. Dankzij deze en andere archiefstukken kunnen we het verhaal van het huis en de inboedel vertellen. Er staat hier bijvoorbeeld een prachtig porselein servies uit de tijd van de Verenigde Oostindische Compagnie en in het archief liggen de aankoopnota’s en alle correspondentie’, vertelt Mara Bosboom.

Havezate Mensinge in Roden

Voorliefde voor KBL
Na haar studie kunstgeschiedenis in Leiden had Mara Bosboom diverse functies in het buitenland. ‘Uiteindelijk ben ik weer in Nederland terecht gekomen en aan de slag gegaan bij de Deventer Musea. Ik werkte vooral voor het Deventer Speelgoedmuseum. Toen de gemeente deze musea in het kader van bezuinigingen afstootte, heb ik de overstap gemaakt naar het speelgoedmuseum in Roden. Ik ben geboren in Noordlaren. Dus het was voor mij een bekende omgeving en ik kende het Speelgoedmuseum hier. Toen ik een tijdje in het Speelgoedmuseum had gewerkt, kwam de vraag of ik ook aan de slag wilde in Museum Havezate Mensinge. Dat wilde ik heel graag! Ik vind havezaten fascinerend. Mijn voorlief voor KBL is ontstaan, toen ik in Engeland woonde. Ik heb daar veel huizen van de National Trust bezocht. In Engeland hebben ze dat zo goed voor elkaar en doen zij dat zo mooi. Hoe kunnen we dat in Nederland ook voor elkaar krijgen? Dat boeit mij.

Voorplein havezate Mensinge

Toen ik hier begon als directeur, liep er nog een verzelfstandigingstraject. Het museum was eerst onderdeel van een grote stichting, maar moest nu verder als zelfstandig museum. De gemeente had Marjon Edzes van De Fraeylemaborg gevraagd een plan te maken dat antwoord moest geven op de vraag ‘Wat willen we met de havezate?’. Met dat plan als leidraad en mijn eigen ideeën probeer ik nu met beperkte financiële middelen de havezate weer meer op de kaart zetten.

Meer dan turf en schapen
De praktijk is altijd weerbarstig, maar het plan is heel helder. Het is een ambitieus plan met drie lijnen. In de eerste plaats willen we de grote zolderverdieping in gebruik gaan nemen als expositieruimte. Daar willen we het verhaal van de Drentse havezaten vertellen. Drenthe telt nog maar vijf havezaten. Havezate Mensinge is de enig overgebleven havezate die publiek toegankelijk is en wordt geëxploiteerd als museum. De overige havezaten zijn eigendom van het Drents Landschap en worden verhuurd of gebruikt als kantoorruimte. Over deze havezate zijn zoveel mooie, interessante en bloedstollende verhalen te vertellen, van liefdesverhalen tot gruwelijke lijkroven. Bij die verhalen past het grotere verhaal van de Drentse havezaten heel goed. De Drentse havezaten zijn een beetje een ondergeschoven kindje, terwijl hun verhaal de moeite meer dan waard is. Er was in Drenthe meer dan alleen turf en schapen.’

Open Monumentendag op havezate Mensinge

Weer een historische tuin
‘De tweede lijn uit het plan  is het enigszins moderniseren van de inrichting. Het mag allemaal wat interactiever, wat meer gericht op beleving. De derde en laatste lijn is mijn stokpaardje, het terugbrengen van een historische tuin. Die tuin hoort er echt bij. We hebben hier namelijk een bijzondere bewoner gehad, Johan van Ewsum, die in 1539 Mensinge in zijn bezit kreeg. Johan van Ewsum was erg geïnteresseerd in tuingewassen en experimenteerde graag, samen met zijn vriend Popko Ufkens. Zo entte Van Ewsum rozen op hulst en trachtte dadels te kweken in het turfhok. Van zijn experimenten hield hij een soort tuinboek bij, dat bewaard is gebleven. We hebben helaas geen plattegrond van zijn tuin. We willen bodemonderzoek laten doen en met die informatie een tuin aanleggen die past bij de havezate.

De zeshoekige, stenen duiventil van Mensinge dateert vermoedelijk uit de 18de eeuw

Dilemma: veiligheid of zelfbeschikking
We stonden vol in de startblokken om per 1 april weer open te gaan, toen het leven even anders werd. Het was terecht dat we dicht moesten, maar het was natuurlijk een streep door onze plannen. Toen de coronamaatregelen net waren afgekondigd, hebben het bestuur en ik tegen de vrijwilligers gezegd: we weten nog zo weinig en we voelen ons verantwoordelijk voor jullie. We kiezen voor jullie veiligheid. Dus blijf nu weg. Vrijwilligers konden alleen nog op afspraak en individueel werken. Zo kon in die eerste periode een beperkt aantal vrijwilligers toch in alle rust — we hebben hier veel ruimte — aan de slag gaan.

Later hebben we binnen het bestuur uitgebreid vergaderd over het dilemma waar we voor stonden. We voelden ons verantwoordelijk voor de vrijwilligers en wilden dat zij veilig zouden blijven. De meeste van onze vrijwilligers vallen in de groep die geldt als kwetsbaar. Tegelijkertijd was het voor ons duidelijk dat onze vrijwilligers verstandige, volwassen mensen zijn. Wie zijn wij dan om te zeggen dat zij niet naar het museum mogen komen? Uiteindelijk hebben we besloten de afweging bij de vrijwilligers zelf te laten. Ik heb iedere vrijwilliger opgebeld en verteld over ons dilemma en onze worsteling. Dat leverde veel begrip en waardering op. ‘Wat fijn dat je belt en dat we erover kunnen praten’, kreeg ik van veel vrijwilligers te horen.

De vrijwilligers van het museum zijn onmisbaar

De toekomst
Het zijn spannende tijden en net als iedereen, maar ik maak me dan ook een beetje zorgen. Gelukkig zorgt de gemeente Noordenveld voor het onderhoud van het gebouw en heeft veel aandacht voor cultuur. Daar boffen we echt mee. We zijn een kleine organisatie met minder dan 2 fte en we werken met veel vrijwilligers. Zolang de vrijwilligers blijven komen, en dat doen zij nog steeds, kan het museum open.

Wij zitten niet bij de pakken neer en ik ga sowieso positief door met ons toekomstplan. Op 6 juni gaan we open en start ook onze nieuwe tijdelijke  tentoonstelling. Vorig jaar hebben we met een tijdelijke tentoonstelling van het werk van Henk Helmantel en een reeks activiteiten en demonstraties tijdens de winterweekenden tweemaal zoveel bezoekers getrokken als in voorgaande jaren. Dat gaat nu misschien niet lukken, maar we streven ernaar zoveel mogelijk bezoekers te verwelkomen. De tentoonstelling van dit jaar gaat over klokken. Bezoekers reizen terug in de tijd met de verhalen van vier bewoners van dit huis uit vier perioden, 1717, 1818, 1919 en 2020. Zij laten de klokken uit hun tijdperk zien en vertellen hoe tijdens hun leven met tijd werd omgegaan. Zo legt de tentoonstelling een link naar de geschiedenis van het huis en de bewoners. Want daar gaat het immers om. Dat is ons bestaansrecht.’

De tentoonstelling Reis door de Tijd belicht de klok in al zijn facetten

Museum Havezate Mensinge aan de Mensingheweg 7 in Roden is in juni en juli iedere zaterdag en zondag geopend van 13:00 – 16:30 uur. Reserveren is verplicht en kan via de website van het museum.