Monumentale bomen op KBL

Door Jeroen Philippona, coördinator landelijk Register van Monumentale Bomen

Een groot deel van de oudste en indrukwekkendste bomen(lanen) in Nederland zijn te vinden op KBL. Het beheer stelt eigenaren soms voor een lastige opgave. De jubilerende Bomenstichting reikt eigenaren een helpende hand.

Dit jaar viert de Bomenstichting haar vijftig jarig jubileum. Het was in 1970 dat een groep verontruste bomenliefhebbers en -kenners de Bomenstichting oprichtte om de teloorgang van prachtige, oude bomen tegen te gaan. Naar analogie van gebouwde ‘monumenten’ voerde de Bomenstichting het begrip ‘monumentale boom’ in. Een boom is monumentaal, als deze minimaal tachtig jaar oud is, essentieel is voor de beeldkwaliteit van de omgeving en daarnaast een cultuurhistorische, dendrologische of ecologische waarde vertegenwoordigt. De afgelopen decennia heeft de Bomenstichting duizenden bomen geïnventariseerd, geregistreerd en bij herhaling geïnspecteerd. De gegevens zijn vastgelegd in een speciaal hiervoor ontworpen portaal, het Landelijk Register van Monumentale Bomen.

Bij die inventarisatie bleek al snel dat de monumentale bomen niet zozeer in de bossen werden gevonden, maar vooral in de bebouwde omgeving op het oude platteland, bijvoorbeeld grensbomen en hakhout, en op landgoederen en historische buitenplaatsen. De Bomenstichting pleit dan ook voor een goede inventarisatie van het bomenbestand op de terreinen van KBL.

‘Duizendjarige eik’
In de Middeleeuwen waren kastelen vooral burchten, versterkte woonplaatsen van de adellijke machthebbers. Voor verfraaiing van de woonomgeving kwam pas later aandacht. Uit die periode zijn er in Nederland nauwelijks met kastelen verbonden bomen bewaard gebleven. Een uitzondering is misschien de zogenaamde ‘Duizendjarige eik’ of Uiverboom bij Kasteel Doornenburg, één van de oudst levende bomen van Nederland. Volgens lokale informatie is deze boom een restant van een middeleeuws bos nabij het kasteel. Uit jaarringonderzoek blijkt dat hij minstens 400 maar mogelijk 500 tot 600 jaar oud is.

Zeventiende-eeuwse eiken en linden
Uit de 17de eeuw dateren meerdere bomen op kasteelterreinen. Een voorbeeld is de valse Acacia (Robinia) op de binnenplaats van Kasteel Doorwerth, geplant in 1678 ter gelegenheid van de Vrede van Nijmegen. Op het voorplein van Kasteel Westhove in Domburg  staat de oudste boom van Zeeland, een Hollandse linde die dateert uit de late 17de of vroege 18de eeuw. Vanaf de late 17de eeuw zijn er veel ontwerpen van lanen en parken bewaard gebleven. Slechts zelden zijn echter de oorspronkelijke bomen nog in leven. Onlangs is een deel van de eiken langs de Koningslaan bij paleis Het Loo gekapt. Dit zijn wellicht de laatste levende laanbomen uit de 17de eeuw in ons land. Bij Kasteel Amerongen staat nog een eik uit die periode. De laatste lindelaan uit de 17de eeuw was de Spanjaardslaan in Haarlem, die in de jaren 60 is geveld in verband met wegverbreding. Van rond 1740 dateerde het lindeplein en andere linden bij Huis te Manpad te Heemstede. Dit plein is recent herplant met jonge linden.

Bomen uit de tijd van de Engelse landschapsstijl
Vanaf eind 18de en vooral in de 19de eeuw kwam de Engelse landschapsstijl in zwang. Veel van de ontwerpen uit die periode zijn nog in tact, deels met de oorspronkelijke bomen, en vaak te vinden op KBL. De hoofdstructuren van deze landgoederen en buitenplaatsen werden veelal met eiken en beuken aangelegd, nog steeds de dominante boomsoorten op deze terreinen. Mooie voorbeelden zijn te zien op de buitenplaatsen in ’s-Graveland, met nog een flink aantal 18de-eeuwse eiken en linden en veel 19de-eeuwse beukenlanen. De buitenplaatsen en landgoederen uit die periode zijn vaak ruimtelijk geclusterd, zoals aan de binnenduinrand van Den Haag via Wassenaar tot Bloemendaal en Santpoort, langs de Utrechtse Heuvelrug, langs de Veluwezoom en rond Vorden en Diepenheim.

Exotische boomsoorten
Vanaf de 18de eeuw werd het aanplanten van speciale cultuurvariëteiten (rode en treurbeuken) en exotische boomsoorten mode. Bekende tuinontwerpers zoals de Zochers, Roodbaard, Petzold en Springer plantten veel uitheemse soorten met sierkarakter. Voorbeelden zijn de tulpenboom, plataan, ceder, mammoetboom, ginkgo, moerascipres en zilverlinde. Ook werden bomen in bijzondere plantverbanden gebruikt. Bijvoorbeeld beukenberceaus, zoals de Groene Bedstee op Mariëndaal in Oosterbeek, en boomboeketten, waarbij meerdere bomen in één plantgat werden geplant om sneller een imposante boom te verkrijgen.

Bedreigingen
De waarde van oude bomen kan moeilijk worden overschat; juist zij verlenen de terreinen hun schitterende uiterlijk. Bovendien zijn ze onmisbaar voor de sfeer van sereniteit en rust. Ook zijn ze van levensbelang voor vogels, zoogdieren en insecten; ze bieden voedsel, broedgelegenheid en veiligheid. Monumentale bomen op KBL brengen voor eigenaren ook een grote verantwoordelijkheid mee. Oude bomen zijn immers kwetsbaar voor verstoring door betreding (verdichting van de bodem) en veranderingen in de waterhuishouding. Bescherming en het juiste beheer zijn noodzakelijk voor een duurzaam behoud. Vaak ontstaat er een belangenstrijd met de veiligheid van de omgeving, het risico van vallende takken of hele bomen voor gebouwen en wandelaars. Eigenaren zien zich hierdoor nogal eens genoodzaakt om bomen en lanen te vellen. Door de nadruk te leggen op het ‘ontwerp’ zien tuinontwerpers en -restaurateurs soms de grote intrinsieke waarde van de oude bomen over het hoofd; deze bomen moeten dan verdwijnen om het oorspronkelijke ontwerp te kunnen herstellen. Herstel van de ecologische en esthetische waarde en sfeer van een oude laan kan na de kap soms een eeuw duren.

Helpende hand
De Bomenstichting krijgt veel vragen over hoe om te gaan met gevaar-zetting voor bezoekers door vallende takken en bomen. Wij denken dat er in sommige gevallen ook andere oplossingen mogelijk zijn dan het vellen van bomen. Indien kap en vervanging onvermijdelijk zijn, pleit de Bomenstichting voor aandacht voor het oorspronkelijk plantgoed, vaak met specifieke cultuurvariëteiten en herkomst.

Zeker op het gebied van preventie is bovendien winst te behalen. De vaak grote aantallen bezoekers en zware voertuigen kunnen leiden tot ernstige verdichting van de wortelzone rond oude bomen en in lanen. Bomen sterven hierdoor af. Een verstandige zonering en geleiding van het bezoek en in sommige gevallen plankieren of verleggen van paden en verbeteren van boomspiegels kunnen het behoud van bomen betekenen. Extra aandacht kan ook schade door bijvoorbeeld maaimachines voorkomen. De Bomenstichting is graag bereid om op dit terrein mee te denken over oplossingen en verbeteringen. Voor meer informatie en advies kunt u contact opnemen met de Bomenstichting via (020) 330 60 08 of info@bomenstichting.nl.

Bomenfonds
Eigenaren van monumentale bomen kunnen een beroep doen op het Bomenfonds voor een tegemoetkoming in de onderhoudskosten. Voorwaarde is onder andere dat het gaat om een monumentale boom in particulier eigendom en dat de boom is opgenomen in het Landelijk Register van Monumentale Bomen. Alle voorwaarden en een aanvraagformulier vindt u hier.