locatie
Waar
Straal

Tuin toegankelijk Landgoed toegankelijk Horeca Openbaar vervoer Parkeren Honden losloopgebied Honden toegestaan Wandelroute(s) aanwezig Ruiterroute(s) aanwezig
Adres:
Clingendael 7
 
2597 VH ‘s Gravenhage
Website:
Tel:
Eigenaar:
Gemeente Den Haag
Oppervlakte:
69
Openstelling:
Landgoed is vrij toegankelijk; huis en directe omgeving zijn niet toegankelijk.
Huis:
Nee
Tuin toegankelijk
Tuin:
Ja
landgoed toegankelijk
Landgoed toegankelijk:
Ja
Horeca
Horeca:
Ja
Horeca besloten:
Onbekend
Rolstoel toegankelijk:
Onbekend
OV bereikbaar
OV bereikbaar:
Ja
parkeren
Parkeren:
Ja
wandelroute(s) aanwezig
Wandelroute(s) aanwezig:
Ja – en joggingroutes.
Fietsroute(s) aanwezig:
Nee
ruiterroute(s) aanwezig
Ruiterroute(s) aanwezig:
Ja
honden
Honden:
Ja – aangelijnd.
honden mogen loslopen
Honden mogen loslopen:
Ja
NSW:
Onbekend

Clingendael

‘s Gravenhage – Zuid-Holland

Tegenwoordig telt Clingendael 69 hectaren. Een groot deel daarvan is openbaar wandelbos en voor menigeen vormt de Japanse tuin tijdens de jaarlijkse openstelling in mei en juni een bijzonder hoogtepunt. De geschiedenis van de eerste buitenplaats Clingendael vangt aan in 1591. Dan koopt Philips I Doublet (ca.1560- 1612) hier een boerderij die de naam Clingendael draagt. Een kling is een onbegroeide duin waarbij hier in de laagte een boerderij wordt gebouwd. Het vermoeden bestaat dat zoon Johan Doublet (1590-1660) een hofstede van de boerderij maakt door er een herenkamer te bouwen. Philip II Doublet (1590-1660) is door zijn huwelijk met Geertruyd Huygens (1599-1680) de schoonzoon van de Constantijn Huygens (1595-1684), een in zijn tijd groot liefhebber van buitenplaatsen. Op Hofwijck moet hij de inspiratie hebben geput die nodig is om van Clingendael een voortreffelijke buitenplaats te maken. Hun zoon Philips III (1633-1707) vergroot het door zijn vader nieuw gebouwde huis en laat de tuin herinrichten volgens strak geometrische principes, waarbij zeker is gekeken naar invloedrijke ontwerpen van de Franse tuinarchitect André le Nôtre (1613-1700). Nadat de buitenplaats door verkoop en vererving in handen komt van Arnout J. van Brienen van de Groote Lindt (1735-1804), volgen rond 1830 meer renovaties, het huis wordt vergroot en van empirevensters voorzien. Deze familie behoudt de buitenplaats 180 jaar. In 1839 verwerft men het aangrenzende Oosterbeek, waarna Jan David Zocher jr. (1791-1870) de opdracht krijgt om de twee parken tot eenheid te brengen en om te vormen tot een landschappelijk park. Tegen het einde van de 19de eeuw zijn ook de tuin- en landschapsarchitecten C. Eduard A. Petzold (1815-1891) en Leonard A. Springer (1855-1940) hier actief. De eerdere genoemde Japanse tuin ontstaat na een reis door Japan van Marguérite M. van Brienen (1871-1939). Zij geeft Theo J. Dinn (1876-1931) opdracht om op een afzonderlijk deel van Clingendael een Japanse theetuin in te richten, compleet met traditioneel Japans theehuis. Dit komt in 1913 gereed. Zij laat iedere hond die hier overlijdt begraven in de tuin en voorziet ieder hondengraf van een steen met daarop de naam en de jaren waarin de hond heeft geleefd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog woont hier Arthur Seyss-Inquart (1892-1946). Hij is Nederlands Rijkscommissaris. Door zijn toedoen wordt een bestaande wintertuin verbouwd tot een concert- en gehoorzaal. Het huidige rosarium en de bloementuin zijn aangelegd in opdracht van de gemeente Den Haag, die in 1954 de buitenplaatsen Clingendael en Oosterbeek aankocht. Het huis is in gebruik bij het Nederlands Instituut voor Vredesvraagstukken ‘Clingendael’.